GELIJKHEID, VRIJHEID, BROEDERSCIL'
Aan het Prmnttaal Bejluur van Holland.
Medeburgers!
Nimmer mogt liet der Natie, voor dezen tijd, gebeuren, om zoo duidelijke en fpreekende blijken te zien, dat Fabrieken en Landbouw zoo wel als Koophandel en Zeevaart, geplaatst werden onder de eerfte voorwerpen der werkzaamheden van het Gouvernement. Het enkel bengt, dat in het Reglement voor het intermediair Befluur dezer Provintie, een Departement van het Provintiaal Committé bijzonderlijk aan Koophandel Zeevaart en Fabrieken, was toegewijd, verbreidde reeds een' algemeene blijdfehap en ver«eï.oe»en, en de uitwerkfelen dezer Inrigtinge werden reeds, bij voorraad, gezegend door die meenigte van behoeftige Handwerkslieden, die daarop nu alle hunne hoop en verwagting gefield hebben. Welke aandoeningen dit bij ons verwekt heeft, zijn wij niet in ftaat om uittedrukken • maar de vrijheid welke wij ons thands veroorl'ooven , om ons door dezen tot UI. Vergadering te vervoegen , is het beste bewijs, welk wij daar van kunnen geeven. Wij hebben ons, aaamlijk verplicht gevonden, Burgers! om ons A over
MM ?